Categorieën
Algemeen

Nancy

Partner van sepsis slachtoffer

In februari 2023 begon de strijd van mijn man tegen sepsis. Mijn man werd in spoed opgenomen met een ernstige nierinfectie. Na bloedonderzoek bleek echter dat een gevaarlijke bacterie — Staphylococcus — in zijn bloedbaan was terechtgekomen. De infectie verspreidde zich door zijn hele lichaam en tastte verschillende organen aan. Pas dagen later hoorde ik voor het eerst het woord sepsis — een levensbedreigende reactie van het lichaam op infectie.

Hij belandde op intensieve zorgen, onderging zware hartchirurgie, en kende talloze complicaties: longontsteking, trombose, nieuwe infecties. Toch vocht hij dapper terug, ook na talloze weken in het ziekenhuis. Samen bouwden we stap voor stap zijn leven opnieuw op — soms letterlijk, electriciteitspaal per electriciteitspaal – tijdens korte wandelingen in onze straat.

Maar sepsis kwam terug. In 2024 volgden opnieuw een infectie, een tweede sepsis, en uiteindelijk een zware beroerte die hem zijn spraak en zelfstandigheid ontnam. Vanaf dat moment werd ik zijn stem. Na twee jaar van strijd en bijkomende complicaties stierf hij op 5 februari 2025.

Sepsis veranderde ons leven voorgoed. Ik leerde hoe snel een gewone infectie een leven kan bedreigen, en hoe zwaar de gevolgen zijn wanneer ze te laat wordt herkend of niet ernstig genoeg genomen.

Daarom vertel ik vandaag zijn verhaal. Niet alleen voor hem, maar voor alle patiënten en families. Sepsis is niet zeldzaam. Het kan iedereen overkomen. Het moet sneller worden herkend, beter behandeld, en de gevolgen moeten écht erkend worden.

Geen enkel gezin zou mogen meemaken wat wij hebben meegemaakt.

Categorieën
Persoonlijke verhalen

Sylvie

Septische shock – oorzaak onbekend

Ik ben geboren in 1966 en woon in Schoten (noorden van Antwerpen). Samen met mijn man kreeg ik twee zonen: de jongste woont nog thuis terwijl de oudste zijn leven heeft opgebouwd in Amsterdam. Mijn dagen zijn lang gevuld geweest met het zorgen voor mijn gezin, het huishouden runnen en het koesteren van de warmte van ons dagelijks leven. Naast dat vertrouwde ritme heb ik altijd een verlangen gehad om de wereld te verkennen. Reizen opent mijn ogen, geeft me nieuwe energie en laat me voelen hoe groot en veelzijdig het leven is. Daarnaast was ik voorzitter van de schoolraad van de school waar mijn kinderen hun eerste stappen in het leren zetten, en vond ik het een vreugde om tijd te maken voor mijn vriendinnen.

Woensdag 9 maart 2022 sloeg het noodlot onverwacht toe. Wat begon als een gewone dag, veranderde in een nachtmerrie toen ik getroffen werd door een septische shock met multi-orgaanfalen, veroorzaakt door de streptococcus aureus-bacterie. Plots stond alles stil: mijn lichaam, mijn toekomst, mijn zekerheden.

Wat gebeurde er. Het begon eigenlijk al op maandag. Ik voelde me niet goed – misselijk, heel hoge koorts – en sliep bijna de hele dag. Dinsdag is de huisarts gekomen. Zij onderzocht me en nam bloed. Ondertussen bleef de koorts oplopen tot boven de 40°C.  Woensdag in de namiddag belde de huisarts om te melden dat ik naar de spoeddienst van Klina moest om een dosis antibiotica intraveneus te krijgen.  Daar aangekomen ging het plots erg snel: er werden onmiddellijk verschillende catheters geplaatst, en binnen de kortste keren lag ik op de afdeling Intensieve Zorg. Aan mijn man werd gezegd dat mijn toestand erg kritiek was en dat, indien hij twee uur later was gekomen, het fataal was geweest. Er werd gestart met vochtrescusitatie, vasopressie met Noradrenaline, Amukin en Augmentin. Dit werd daarna Floxapen via een PICC-catheter. De arts die men op spoed heeft opgeroepen is letterlijk mijn redding geweest. Vrij snel viel de term septische shock met multi orgaanfalen (DIC, acute nierinsufficiëntie, shocklever). Voor mij is die periode grotendeels een zwart gat. Het enige wat ik me van deze periode vaag herinner, is dat ik door velden liep, eindeloze bloemenvelden… Op vrijdag werd ik overgebracht naar de IC van het UZA. Zaterdag volgde een spoedoperatie: mijn ICD en de leads werden verwijderd. Nadien volgden weken op IC, Mid Care en cardiologie, eerst in het UZA en later opnieuw in Klina.

De periode in de kliniek was niet makkelijk en heel eenzaam. Er was heel veel tijd om te piekeren en na te denken. Ik mocht enkel (beperkt) bezoek van mijn man en kinderen ontvangen – dagelijks kwam er iemand – aangezien er nog steeds speciale regels golden i.v.m. het coronavirus. Half mei mocht ik de kliniek verlaten. Maar daar eindigde de strijd niet. Een heel revalidatieparcours werd afgelegd en jammergenoeg was de implantatie van een nieuw device noodzakelijk.

Tot vandaag ervaar ik nog steeds de gevolgen: vermoeidheid, ernstige pijnklachten, concentratieproblemen, brainfog, slechte nachtrust, moodswings en overprikkeling. Mijn wereld is klein geworden en begrip vinden is vaak moeilijk. Nazorg na zo’n ervaring is een groot probleem. Er is eigenlijk geen plan, geen info en te weinig begrip. Sepsisoverlevers zijn geen “fakers”.  Er zijn genoeg artsen die ik bezocht bij wie je voelt dat je niet au sérieux wordt genomen. Je wordt van het kastje naar de muur gestuurd… dit is zeer pijnlijk. Gelukkig heb ik een cardioloog die wél luistert, meezoekt naar oplossingen en mijn dossier opvolgt en met collega’s bespreekt. Een arts die ‘mens’ is, empathisch en die verder durft te kijken dan enkel zijn specialiteit. Ik ben hem daar ontzettend dankbaar voor en heb eindeloos veel respect voor hem.

Dit is wie ik vandaag ben. Niet meer de oude ik, maar iemand die elke dag opnieuw vecht en hoopt op meer begrip en op een toekomst waarin er opnieuw wat ruimte komt voor ‘leven’.

Nog dit – niet onbelangrijk – ik kan het niet genoeg zeggen, een welgemeend ‘dankjewel’ aan mijn familie en vrienden voor jullie steun en begrip. Het spijt me dat ik niet meer ben wie ik ooit was, en ik hoop vurig dat ik stap voor stap weer dichter bij mezelf kan komen. Voor wie me minder goed kent: wat je ziet aan de buitenkant, vertelt vaak niet het hele verhaal. Jullie ontmoeten me vooral op de momenten dat het net iets beter gaat, maar de strijd die ik elke dag vanbinnen voer blijft meestal verborgen. Ik hoop dat er een dag komt waarop ik opnieuw kan zeggen dat het écht goed met me gaat!

Sylvie

Categorieën
Algemeen

Met vallen en opstaan

Hoe doe je dat eigenlijk…
terug rechtkrabbelen na een immens trauma?

Hoe doe je dat eigenlijk… terug rechtkrabbelen na een immens trauma? En waarom lukt het sommigen wél, maar anderen niet? Is het gewoon een kwestie van “de klik maken”, of is er iets fundamenteler nodig?

🌀 In haar nieuwe boek duikt Liesbeth Claeys diep in het thema veerkracht. Ze stelt de vragen die we ons allemaal wel eens stellen na een zware klap:

➡️ Kan je veerkracht trainen
➡️ Bestaat het in verschillende vormen?
➡️ Hoe zit het met kinderen – zijn zij eigenlijk veerkrachtiger dan volwassenen?

Met open blik ging Liesbeth te rade bij expertes én bij sterke vrouwen die elk op hun manier de stormen van het leven trotseerden: Petra De Sutter, Uus Knops, Geena Peeters,… maar ook bij Cindy Verthé, sepsisoverlever, bestuurslid van Sepsibel Vzw en het toonbeeld van veerkracht.

🎤 Het resultaat? Een reeks eerlijke, krachtige getuigenissen vol herkenbaarheid, hoop en inspiratie.

👉 Dit boek is er voor iedereen die wankelt, maar diep vanbinnen wéét dat er nog kracht zit. Voor wie wil leren vallen, maar ook weer opstaan. Voor wie zoekt naar houvast, en misschien vooral: naar zichzelf.

Categorieën
Persoonlijke verhalen

Robert

Mijn sepsisepisode

Met pensioen, maar nog steeds actief, werd ik in 2006 getroffen door sepsis, zonder me echt bewust te zijn van de ernst van wat er met me gebeurde. Afgezien van rillingen, die ik toeschreef aan een lichte koorts (38,4°C), voelde ik geen pijn. Hoewel ik vanaf de eerste dagen een intense vermoeidheid ervoer, maakte ik me daar niet al te veel zorgen over en schreef ik het toe aan een neurologische aandoening waaraan ik al enkele jaren leed.

In die tijd was ik vrijwilliger in een palliatieve zorgkliniek. Ik merkte wel dat de wond op mijn scheenbeen, die ik in de kliniek had opgelopen na contact met een van de wielen van een patiëntbed, niet genas. Pas na vier of vijf dagen, en op aandringen van het verplegend personeel, besloot ik de volgende woensdag bloed te laten prikken. De resultaten kwamen die middag binnen en waren niet goed. De arts besloot daarom om op vrijdag, tijdens mijn bezoeken, een bloedafname, een urinestaal en enkele kweektesten af te nemen.

nl_BENL